Meer mensen met een arbeidsbeperking aan de slag
Om er voor te zorgen dat meer arbeidsgehandicapten bij bedrijven gaan werken, krijgen ze intensievere begeleiding. Ook kunnen werkgevers in sommige gevallen minder dan het minimumloon betalen.
Een kans om te werken
In Nederland zijn er bijna 100.000 mensen werkzaam in de sociale werkvoorziening. Zij werken onder begeleiding van een coach bij een bedrijf, vaak met aangepaste taken of een aangepaste werkplek. Of zij zijn werkzaam voor speciale bedrijven voor sociale werkvoorziening (de zogenaamde SW-bedrijven of sociale werkplaatsen). Daarnaast staan er zo’n 20.000 arbeidsgehandicapten op de wachtlijst voor de sociale werkvoorziening.
Ook zijn er mensen die arbeidsgehandicapt zijn maar niet in aanmerking komt voor sociale werkvoorziening. Zij zijn ook niet in staat om te werken onder begeleiding van een werkcoach. Hun arbeidshandicap is een te grote lichamelijke of psychische belemmering.
De sociale werkvoorziening zorgt ervoor dat mensen ondanks hun handicap kunnen werken. Ze krijgen zo de kans om zelf hun geld te verdienen en zich verder te ontwikkelen. Het uiteindelijke doel daarbij is dat de arbeidsgehandicapte op den duur zelfstandig kan werken en een volledig inkomen verdient.
In de praktijk blijkt dit echter minder goed te werken dan verwacht. Het aantal arbeidsgehandicapten dat in een sociale werkplaats werkt, is veel groter dan het aantal arbeidsgehandicapten dat bij reguliere bedrijven werkt. Ongeveer 80% van de arbeidsgehandicapten is werkzaam in sociale werkplaatsen. Slechts 20% procent van de werknemers in de sociale werkvoorziening werkt voor een gewoon bedrijf. Het percentage arbeidsgehandicapten dat doorstroomt naar een reguliere baan is klein.
Een opstap naar gewoon werk
De sociale werkvoorziening moet zoveel mogelijk een opstap zijn naar gewoon werk, geen vervanger van dit werk. Werknemers met een arbeidshandicap moeten daarom vaker in een bedrijf aan de slag. Dat kan in eerste instantie met begeleiding, maar op den duur moet ook de arbeidsgehandicapte daarbij de kans krijgen om door te groeien naar een gewone baan zonder begeleiding.
Het Rijk onderzoekt daarom de mogelijkheid voor werkgevers om werknemers minder dan het minimumloon te betalen. De arbeidsgehandicapte werknemer wordt dan niet betaald op basis van uren, maar op basis van arbeidsproductiviteit. Een arbeidsgehandicapte die half zo productief is als een reguliere werknemer, kost de werkgever ook maar de helft. Het inkomen van de arbeidsgehandicapten vult het Rijk aan tot het minimumloon.
Daarnaast zullen sociale werkvoorzieningsbedrijven en werkbegeleiders meer aandacht gaan besteden aan de kennis en vaardigheden van mensen in de sociale werkvoorziening. Deze bedrijven zullen arbeidsgehandicapten intensiever begeleiden in het aanleren van vaardigheden die noodzakelijk zijn in het bedrijfsleven. Daarbij kan het gaan om computervaardigheden, maar bijvoorbeeld ook om sociale vaardigheden en communicatie.
Het Rijk heeft in 2010 € 1,2 miljoen extra beschikbaar gesteld om arbeidsgehandicapten meer begeleiding te geven. Dit bedrag komt boven op de € 2,5 miljoen die hier al eerder voor was uitgetrokken. Met dit geld worden projecten in de sociale werkvoorziening gefinancierd. In deze projecten wordt meer aandacht besteed aan het aanleren van verschillende vaardigheden.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten